|

 |
|
 |
NICOLAAS RUYCHAVER
Echte naam: Niclaes Rychaure, geboren in Amsterdam en daar overleden in 1577.
Ruychaver was een telg uit een zeer voorname Haarlemse familie maar groeide op in Amsterdam. Al op jonge leeftijd was hij overgegaan naar de nieuwe leer en werd daarom uit Amsterdam verbannen. Als een van de eersten trad hij in dienst van Willem van Oranje. Samen met zijn vriend de Rotterdammer van Troyen sloot Ruychaver zich aan bij de Eemsvloot onder admiraal Dolhain (Adriaan van Bergen). De Eemsvloot redde in 1568 na de slag bij Jemmingen , (nu Jemnum), de soldaten die na hun nederlaag moesten vluchten en in de Eems sprongen. Ruychaver hoorde bij de Geuzen die in 1569 100 handelsschepen plunderden, die terugkwamen uit de Oostzee. Op 15 november 1570 kreeg hij een nieuwe commissiebrief.(zie kopie). Dit betekende, dat hij vijandelijke schepen mocht aanvallen en in bezit nemen. Kapiteins die een commissiebrief kregen moesten wel beloven, dat ze de bevelen van de Prins zouden opvolgen en een deel van de buit aan de Prins zouden afstaan . Het stadsstuur van Amsterdam moest een einde maken aan de kapingen en stuurde een aantal oorlogsschepen naar het Vlie. Ruychaver , Jan van Troyen en Adriaan Menninck besloten het toch weer te proberen. Op aandringen van de Prins sloten ze een contract elkaar bij te staan (zie kopie ) In juni 1570 wisten ze in het Vlie weer 5 schepen in handen te krijgen, maar de Amsterdamse schepen maakten er toen een eind aan. Ruychaver en Menninck konden vluchten, maar op15 juni werd van Troyen gevangen genomen en in Amsterdam opgehangen.
Ruychaver ging naar het zuiden. Uit een schip dat op weg was van Den Bosch naar Antwerpen, kaapte hij 4500 daalders. In januari 1571 gijzelde hij een Veerse visser. Ruychaver eiste een losgeld van 150 Carolus guldens. Als die niet betaald werden, dan zou de visser het lot van zijn vriend van Troyen delen. In februari 1571 probeert hij zijn geluk op Ameland. Daar worden ze verrast door is een sterke Spaanse bezetting. De Geuzen worden verslagen maar Ruychaver weet te ontkomen. Half April 1571 wordt Brederode ziek. Ruychaver neemt tijdelijk het bevel over de vloot over en krijgt hij tijdelijk ook het schip van Brederode. Intussen wordt Haarlem bedreigt door Spaanse troepen. De stad wil geen geuzen binnen de poorten hebben. Maar op 13 juli 1571 wordt Ruychaver en zijn vendel schutters binnengelaten. Daarna gaat hij naar la Rochelle in Frankrijk en rust daar een nieuw schip uit.
In het voorjaar van 1572 vertrok Ruychaver naar Engeland. Hij sluit zich aan bij de Geuzenvloot onder admiraal Lumey. Ruychaver is er bij als Den Briel wordt in genomen. Als nog in dezelfde maand ook Enkhuizen zich onder het gezag van de Prins stelt, vergezelt hij Jacob Cabeliau , die door de Prins als gouverneur van Enkhuizen wordt aangesteld. Hij heeft een groot aandeel in de bezetting van Medemblik en Hoorn. Toen na de val van Haarlem Alkmaar werd bedreigd met een Spaanse bezetting en Cabeliau de opdracht kreeg de stad te verdedigen, zorgde Ruychaver ervoor dat Cabeliau in de stad werd binnengelaten. Nadat het Spaanse leger het beleg van Alkmaar op 8 oktober had opgebroken, vocht hij mee met de Geuzenvloot onder Cornelisz Dirkz. Op 11 oktober 1572 werd de vloot van Bossu verslagen. Bossu werd gevangen genomen. (zie Jan Haring.)
In oktober 1573 helpt hij bij de verdediging van de Haag. Als den Haag toch moet worden opgegeven, weet hij de Spanjaarden , die naar Leiden wilden, bij Rijswijk nog een hele tijd tegen te houden. Leiden kreeg daardoor meer tijd te werken aan de verdedigingswerken rondom de stad. Na Leiden’s ontzet in 1574 wordt hij door de Prins met 2000 geuzen naar Antwerpen gestuurd om deze uiterst belangrijke stad bij verrassing te veroveren. Maar de Spanjaarden ontdekken waar hij mee bezig is. Hij ontkomt ternauwernood aan de dood. In Zeeland had ook Zierikzee de zijde van de Prins gekozen. De Spanjaarden onder Mondragon probeerden de stad te heroveren. Op 30 november 1575 werd Ruychaver bevelhebber van die stad. Admiraal Boisot probeerde Ruychaver te hulp te komen, maar zijn schip liep vast en Boisot verdronk. Toen de Spanjaarden de stad op 2 juli 1576 toch konden innemen, bedong Ruychaver een vrijgeleide voor allen die de stad verdedigd hadden. Ruychaver gaat dan terug naar Haarlem dat nog steeds in Spaanse handen is. In januari 1577 helpt hij de Spanjaarden uit de stad te verdrijven. In november 1577 nam hij deel aan een poging Amsterdam te bevrijden. De aanval op Amsterdam mislukte. De Geuzen moesten zich terugtrekken. Op de terugtocht werd hij door een persoonlijke vijand vermoord.

|
 |
 
|
 |
|
|