Arent van Duivenvoord, geboren 1528 overleden 1600.
Telg van een adelijke familie. Hij kreeg van Karel V in 1545 de heerlijkheden Noordwijkerhout, Sterrenburg en het Woud. Hij werd aanhanger van de nieuwe leer en sloot zich aan bij het Verbond der Edelen. Hij tekende het compromis. Als een der eersten zegde hij zijn eed van trouw aan Koning Filips op en zwoer trouw aan Oranje.
29 april 1568 werd hij door de Raad van Beroerten verbannen. Hij vluchtte met Brederode naar Engeland.
Hij was familie van Willem van der Marck (Lumey) en was aan boord van een van de schepen van de vloot, die op 1 april 1572 onder bevel van Lumey Den Briel innam.
In 1573 nam hij deel aan de eerste Statenvergadering in Dordrecht. Hij hielp Adriaan van Swieten bij de verovering van het kasteel te Woerden. In 1574 had hij een belangrijk aandeel in het ontzet van Leiden.
Hij was nauw betrokken bij de oprichting van de Hogeschool, die Leiden van Prins Willem cadeau kreeg als beloning voor haar standvastig verzet te gen de Spanjaarden.